Het brouwproces in het begin van de 20e eeuw PDF Afdrukken E-mail

 De inrichting van de dorpsbrouwerij in Zuid-Nederland wijkt sterk af van de grootschalige industriële brouwerij zoals velen deze kennen. Machinerieën ontbreken grotendeels en hét kenmerk van een brouwerij, de glimmende koperen deksels op de bierketels, zijn al evenmin aanwezig. Aan de hand van een Proces-Verbaal van Metingen en Waterijking, gedateerd 5 maart 1917, is het mogelijk een beeld te krijgen van de inrichting van brouwerij De Roos. Uit dit document blijkt dat De Roos over slechts één bierketel, groot 42,77 hectoliter. De middellijn van de ketel was ongeveer 1,90 meter en de diepte 1,63 meter.

De tweede ketel, met een inhoud van 16,69 hectoliter, was in gebruik als waterketel. Deze waterketel mocht overigens in 1925, na toestemming van Het Ministerie van Financiën, ook als bierketel gebruikt worden. Voorwaarde hiervoor was dat "..de waterketel ten genoegen van den betrokken inspecteur der accijnzen zoodanig is ingericht, dat de opneming van de wort door ambtenaren der accijnzen naar behooren kan geschieden en dat overigens de ter zake geldende bepalingen worden opgevolgd". De opneming van de wort door de ambtenaren geschiedde onder meer met behulp van geijkte en gewaarmerkte peilstokken, die voor beide ketels nog bewaard zijn gebleven.

 Voorts waren er in de brouwerij aanwezig een roerkuip, groot 15,3 hectoliter, met een middellijn van ongeveer 2 meter, waarin he beslag of de wort wordt gemaakt. In eerste instantie werd in de roerkuip met de hand, met behulp van een roerstok, geroerd, later werd er een machinaal aangedreven radarwerk in aangebracht.

Naast de roerkuip en iets lager gelegen, bevond zich de lekbak waar de wort vanuit de roerkuip inliep en naar de bierketel(s) werd gepompt. Deze handpomp op de bovenverdieping van de brouwerij is nog steeds in authentieke staat aanwezig. Deze handpomp werd tijdens het productieproces twee keer gebruikt. De eerste keer om de op de benedenverdieping gemaakte wort over te pompen naar de bierketel waar de wort gekookt wordt en de hop wordt toegevoegd. De tweede keer om de kokende vloeistof op het einde van het proces omhoog te pompen naar het koelschip.

 

 

Het koelschip is een zinken bak met een inhoud van 32,77 hectoliter, heeft een afmeting van ruim 4 bij 5 meter en heeft een diepte van slechts 15 cm, waarin de kokende vloeistof kon afkoelen. Om infectie van de wort te voorkomen was een snelle afkoeling gewenst. Als een temperatuur van 20 graden Celcius was bereikt, liep de vloeistof via leidingen in de bodem naar de gistvaten. Waarschijnlijk stonden deze vaten opgesteld in de brouwzaal, maar hierover bestaat geen zekerheid.

 

 

Roosbier van de maand

Banner

Vind ons op Facebook

twitterbutton.nl

Foto's Bierfestival 2012

bierfestival2012 th