|
Ik heb altijd gedacht dat ik in een witte ruimte zou komen waar alles achter glas zou staan," zegt Janne, leerlinge van groep 8 van de Biedonk. Zij is een van de 850 leerlingen die vanaf 26 oktober een rondleiding krijgen in Museumbrouwerij 'De Roos' in Hilvarenbeek. Oktober is door de Provincie Noord-Brabant uitgeroepen tot Erfgoedmaand. Overal in de provincie vinden activiteiten plaats waarbij het cultureel erfgoed onder de aandacht gebracht wordt. In Hilvarenbeek was dat op één plaats het geval: Museumbrouwerij 'De Roos.' De Hilvarenbeekse scholen zijn van plan cultuureducatie een vaste plek te geven in hun onderwijs. En daar hoort cultureel erfgoed zeker bij. De scholen waren dan ook enthousiast over het idee van Museumbrouwerij De Roos. Alle scholen van de gemeente Hilvarenbeek deden aan het project mee en de kinderen van de groepen 5 tot en met 8 kregen een speciale museumbelevenis voorgeschoteld.
"Gaan jullie daar even zitten Danique en Anastasia. Dan kan ik mooi een foto van jullie maken voor de schoolkrant en de website," zegt Greet Charpentier met haar digitale camera in de aanslag. De twee kinderen gaan zitten in het historische cafeetje dat in De Roos is ingericht. De kinderen worden verwelkomd door Louis Snik, Rob Haans en Leon Popelier. Zij zullen de kinderen begeleiden op de museumtocht. "We speelden al lang met het idee om een educatief programma voor de jeugd te ontwikkelen in ons museum. Er zijn ook zoveel mogelijkheden: het brouwproces, de techniek, aandacht voor kinderarbeid en industriële revolutie om maar wat te noemen. Door het idee van Museumschatjes van de Provincie Noord-Brabant, hebben we de kans te baat genomen om ons idee uit te werken. We verzorgen met onze rondleiders, en dat zijn allemaal vrijwilligers, nu zo'n veertig rondleidingen voor de Hilvarenbeekse jeugd en we zien dat ze er veel plezier aan beleven, evenals wij zelf," zeggen de Roosmedewerkers.
Brouwersknecht
In de 'Bieroscoop' stelt 'brouwersknecht' Louis Snik zich voor. "Ik laat jullie zien hoe het er honderd jaar geleden in Hilvarenbeek aan toe ging. Ik werkte toen in De Roos als knecht. Er was geen verlichting, alleen wat kaarsen af en toe." Louis vertelt over de school van honderd jaar geleden en aan de hand van dia's hoe Hilvarenbeek er toen uitzag: Achter de Petershemstraat was geen bebouwing, de lindeboom op de Vrijthof, die toen Mert heette, werd nog niet ondersteund, er waren grote gezinnen, je deed bijna alles te voet, een auto was iets speciaals en over de Vrijthof reed een tram. Water werd uit een put gehaald. Het was gevaarlijk om water ongekookt te drinken. De kinderen kregen een dia te zien waar een chauffeur met een fles bier in de hand zat en een eettafel waar de kinderen aan het bier zaten. Het ging om tafelbier, zonder alcohol, dat gedronken werd als watervervanger. Bier drinken was veiliger dan water drinken. Ook een figuur als de Rooie Fik werd geïntroduceerd. 
Interactief
Moet je in de meeste musea overal met je handen vanaf blijven, bij Museumbrouwerij De Roos is dat allerminst het geval. De kinderen ervaren aan den lijve hoe er vroeger gewerkt werd. Alles moest met spierkracht gebeuren. Het water moest eerst uit de waterput gehaald worden. De originele waterput wordt vol aandacht bekeken en de kinderen vinden het water maar smerig. Ze volgen 'de loop' van het water tot het bier wordt, zien de roerbak, de lekbak (waar het brouwsel uitlekte), de brouwketel, en onder het pannendak het koelschip. De brouwersknecht wijst de kinderen ook op het feit dat in De Roos op een gegeven moment ook de elektriciteit geïntroduceerd werd. "Daar was ik blij mee, het maakte mijn werk wat gemakkelijker. Alles ging nu ook sneller. De brouwer zette zelfs op het etiket dat De Roos een elektrische brouwerij was."
De kinderen zien hoe een flessenvulmachine werkte, hoe de flessen gereinigd werden. Kroonkurken werden met een kroonkurkmachine op de fles aangebracht. "Pfoeh, dat is nog niet zo eenvoudig," verzucht Marie-Noël als ze de machine mag bedienen. In de tijd dat er een tekort aan metaal was, werden niet alleen de lege flessen ingeleverd, maar ook de kroonkurken. Met een kroonkurkherstelmachine werden de kroonkurken dan weer als nieuw gemaakt. Nick en Hugo hebben hun handen vol om de kroonkurken weer helemaal goed te krijgen, maar het lukt ze wel. Nog zwaarder wordt het werk als ze een bierboom moeten versjouwen. Vroeger werd onder een juk een vol vat bier gehangen. Dat moest naar de klant gebracht worden. "Het is duidelijk dat brouwerijen door deze manier van transport voornamelijk hun afzetgebied in eigen omgeving hadden," aldus Louis Snik. Onder andere Hilke, Bram en Nick ervaren dat het zeer doet aan je schouders. En dan sjouwen ze nog met een leeg vat.
Het Museum biedt de kinderen tal van ontdekkingen. Zo zien ze een brandmerk op een van de deuren in de brouwerij. Daar heeft ooit een medewerker van De Roos gekeken of het brandijzer al heet genoeg was. De biervaten werden vroeger gebrandmerkt. Dan wist men voor wie het vat bestemd was. Maar houten vaten konden uitzetten en dan lekte het bier er uit. Kinderen moesten vroeger in de brouwerij helpen om vaten te rollen, die aan de binnenkant van teer voorzien waren. De vloeibare pek moest gelijkelijk verspreid worden over de binnenkant van het vak. Het is wel even leuk om met zo'n vat te rollen, maar als je het iedere dag zou moeten doen gaat het aantrekkelijke er snel van af. Kinderen kregen vroeger als beloning een glaasje limonade. De Roos was immers ook een limonadefabriek.
Da's lekker
Aan het eind van de rondleiding zien de kinderen hoe limonade gemaakt wordt: water, veel suiker, zuiveringszout en citroensap worden vermengd en leveren een prikkellimonade op. Voorzichtig nippen de kinderen van de Hilvarenbeekse limonade. "Best lekker," zegt Fieke. En als de kinderen mogen kiezen uit cola, sinas of appelsap blijkt de zelfgemaakte limonade toch favoriet, zelfs bij meester Devon Sterken.
"Ik had geen idee hoe er vroeger gewerkt werd in een brouwerij. Ik was hier nog nooit geweest. Ik vond het heel leuk en heb echt genoten," zegt Danique. "Op school hebben we uit het projectboek van Museumschatjes een aantal onderwerpen behandeld. Zo moesten we een eigen favoriet voorwerp beschrijven, een voorwerp dat belangrijk voor mij was. Dat was een knuffel die ik al vanaf mijn geboorte heb.We moeten nu ook nog kijken welk voorwerp het meest aansprak in het museum. Daar moet ik nog even nadenken. We kunnen dan meedoen aan een prijs vanuit de provincie. Het zou mooi zijn als we winnen."
"Wij zijn van plan in de komende jaren nog meer rondleidingen te gaan uitwerken. Het zou mooi zijn als we daarbij zouden kunnen aansluiten op waar de kinderen op school op dat moment mee bezig zijn," besluiten de rondleiders.
Ze hebben haast, want na een rondleiding van iets meer dan een uur, moet alles weer klaargezet worden voor een nieuwe groep leerlingen, groep 5 van de Adrianusschool.
|